Lanzarote II
"Wanna dance, baby?" Zijn accent, hoewel flink beneveld, was onmiskenbaar Engels. Ongegeneerd blies hij zijn schorre stem in mijn nek en liet her en der wat spetters achter. Ik rilde, prikte een vinger in zijn schouder en duwde hem van me af. "I’m thirty." Plots leek hij te kunnen zien door zijn alcoholwaas, want hij keek me bepaald geschokt aan. Liet zijn blik zakken en monsterde me vervolgens argwanend van teen tot top. "Huu," gromde hij, en maakte zich uit de voeten. Zo oud ben ik nou.
Zuchtend liet ik me op een kruk vallen, terwijl ik het onthutsende tafereel dat zich voor mij op de dansvloer afspeelde gadesloeg. Ze konden niet ouder dan vijftien zijn, maar gedroegen zich als rasechte Denise Mullers. Achterwerken ter grootte van slechts xe9xe9n van mijn billen zwiepten omhoog, nauwelijks bedekt door iets dat tegenwoordig als rokje door het leven gaat, maar vroeger gewoon een brede riem werd genoemd. Puberende puistenkoppen reden er lustig tegenaan, af en toe eens naar voren meppend alsof ze een paard in beweging wilden krijgen. Als dit een aflevering van Ally Mc Beal was geweest, hadden hun tongen op de grond gelegen. Nu scheelde het niet veel. Ik betrapte me op ouwelijke gedachten als ‘die jeugd van tegenwoordig’ en ‘moeten jullie niet in bed liggen?’ Maar misschien was ik ook wel gewoon jaloers. Duidelijk was dat dit mijn scene niet meer was. Ik was te oud voor Lanzarote. Oud, uitgezakt en kolossaal. Zo voelde ik me inmiddels, na drie zulke nachten. Ik wisselde wat rollende ogen met Fatima, die al net zo min gelukkig was met onze kersverse status als stokouwe vrijster, en besloot toen me nog even niets aan te trekken van mijn opkomende thirdlifecrisis. ‘t Was vakantie, for fucks sake! Om maar even in de Engelse sferen te blijven. En dus trok ik mijn schouders op en sprong tussen de halfnaakte tieners. Fatima volgde en spreidde gelijk wat adembenemende dansmanoeuvres ten toon. Ha, we mogen dan een stel ouwe besjes zijn, dansen kunnen we heus wel! Of in ieder geval Fatima dan.
Het duurde niet lang voordat er van alle kanten tegen ons werd aangereden, en ik me slechts ten dele per ongeluk in een hoekje liet drijven. Hij was best leuk, danste lekker ook. En hij stond tenminste niet als een zotte tegen m’n kont aan te slaan. Dus dansten we wat verder, steeds dichter tegen elkaar aan. Af en toe fluisterde hij wat in m’n oor, maar daar verstond ik niks van. Hoefde wat mij betreft ook niet, zo was het ook prima. Tot hij zich weer richting mijn oor bewoog en zonder waarschuwing z’n tong erin stak. Waah!
"Gotta go," hijgde ik, en rende naar de uitgang. Fatima stond vastgeplakt aan iemands gezicht, en het duurde even voor ze doorhad dat ik klaar was om te vertrekken. Eindelijk kwam ze de trap op, en wees naar twee mannen die voor ons stonden.
"Dat is ‘m," siste ze. "De leuke vent van die andere club, die ik wat voor jou vond."
Inmiddels toch benieuwd naar het type dat ze aan mijn smaak koppelde, loerde ik zijn kant op toen we langs de twee mannen liepen. Halleluja! Ze had gelijk. Niet alleen was hij de enige man in deze ruimte oud genoeg om auto te mogen rijden – hell, dat deed ie waarschijnlijk al minstens vijftien jaar – hij was bovendien verrukkelijk! M’n mond moet open hebben gehangen toen ik langs hem liep, want hij keek me wat bevreemd aan.
"Leaving so soon?" kwam er uit zijn goddelijke mond, en zijn ogen glinsterden plagerig.
"Well yes," durfde ik uit te brengen. "Unless you give me a good reason to stay."
De toon was gezet. We bleven. We kregen Baileys. Fatima ging op een gegeven moment geloof ik terug naar haar zestienjarige zoenpartner, maar heel zeker weet ik het niet. Ik had namelijk alleen maar oog voor Alberto. Zo heette hij. Hij was een local, een echte Lanzarotixebr, maar zijn Engels was perfect. We kletsten, dansten, lachten en flirtten, uren achter elkaar. Hij bleek mij al wel eerder te hebben gezien, in die andere club. Zei dat ie te verlegen was om me aan te spreken. U begrijpt: ik smolt voor deze man. Ben dol op stoere verlegen types. Gelukkig was ie niet txe9 verlegen. Hij liep weg om drankjes te halen, maar had mijn hand nog vast. Geloof ik. De precieze toedracht weet ik niet meer, alleen dat hij lachte om iets wat ik opmerkte, zich breed grijnzend terugdraaide en het schattigste zei dat ik in jaren had gehoord: "I like you."
Het is maar goed dat ik fatsoenlijke kleren aan had, en niet alleen een brede riem met een smal topje. Anders was ik als gesmolten boter uit elkaar gevallen.
"I like you too," wist ik nog net uit te brengen, voordat hij mijn gezicht met beide handen vastpakte en me de meest geweldige zoen gaf die ik in eh, tijden had gehad. De zoen duurde zowat de hele avond, tot de lichten aangingen en we buiten nog wat verder zoenden. We vonden een bankje, niet ver van Fatima vandaan, die nog steeds aan die zestienjarige engerd vastgeplakt zat. Hij vertelde me waar hij werkte, woonde, meestal uitging. Zei dat ie me elke dag wilde zien, voordat ik terug naar Nederland zou gaan. Het was helemaal perfect. Opeens geloofde ik toch wel een beetje in liefde op het eerste gezicht. Op zijn minst in vakantieliefde op het eerste gezicht. Maar Fatima wilde weg, en dus spraken we af voor de volgende avond: middernacht in club Paradise. Mooier kon bijna niet.
Maar ik had natuurlijk geen rekening gehouden met Murphy. Die ene, die mijn zijde maar niet verlaat. Me altijd even moet laten weten dat hij er nog is, net als het me niet uitkomt. Zoals die donderdagavond in Lanzarote. Want niet alleen was Fatima ineens niet vooruit te branden, maar net toen ik haar zover had onder de douche te springen, werd het donker. Pikdonker. En doodstil. We keken naar buiten, en ook daar was het donker. Geen licht bij de receptie, geen straatlantarens. Zelfs bij de boulevard verderop was geen neonlicht te bekennen. Lastig opmaken zo. Gelaten gingen we op bed liggen, wachtend tot de stroom weer een teken van leven zou geven. Eindelijk, vlak na middernacht, sprong alles weer aan. Anderhalf uur te laat kwamen we aan in club Paradise. Geen spoor van Alberto. Gelukkig had ik hem gewaarschuwd voor mijn apunctuele karakter, en wist ik me nog te herinneren dat hij naar ‘onze’ club zou gaan als ik te laat zou zijn. Dus vertrokken we niet veel later naar de plaats waar het allemaal begon. Onhandig, want daar was het groot en druk. We haalden daarom eerst een Baileys, en al huppelend in het vooruitzicht Alberto weer te zien, sprong ik op de dansvloer.
…
Het was alsof mijn teen werd gespiest! Sterker, dat was ook zo. Ik voelde warm vocht langs mijn schoen naar beneden lopen, en hinkelde naar de toiletten. Daar werd de schade pas echt duidelijk. Een grote plas bloed vormde zich om mijn linkervoet. Ik had ineens zes tenen, want de middelste was in tweexebn gereten door een gebroken glas op de dansvloer. Ugh. Al het bloed uit mijn hoofd kwam uit mijn teen naar buiten. Zo voelde het in ieder geval. Fatima kwam geschrokken achter me aan en dirigeerde me naar een bankje in de hoek. Razendsnel had ze een medewerker met een stapel jodium en verband gevonden, die daar gelijk driftig mee aan de slag ging. Helaas was het verband ook al snel doorweekt met bloed, en dus besloot men dat ik beter even naar buiten kon gaan, waar toevallig een ambulancepost was. De broeders werden uit bed gehaald, haalden het verband er weer af, wierpen een blik op mijn gehavende teen, verbonden hem opnieuw en zetten koers naar het ziekenhuis. "Stitches," begreep ik nog net. Dat de ambulancebroeders verdomd leuk waren, verlichtte mijn pijn aanzienlijk.
Terwijl we lustig foto’s maakten van ons memorabele tripje in de ambulance – hoe vaak maak je dat tenslotte mee – en wat e-mailadressen uitwisselden met de appetijtelijke broeders, werden we door een wat schimmig gedeelte van Lanzarote gereden tot we aankwamen bij een nog schimmiger gebouwtje. Het ziekenhuis. Er was welgeteld xe9xe9n dokter, en xe9xe9n verpleegster. Beiden moesten uit een diepe slaap worden gerammeld, voor ik naar de operatiekamer werd geleid. De dokter was duidelijk niet in zijn nopjes met deze nachtelijke verstoring. Hij gromde wat bevelen mijn kant op, trok het verband eraf, stak een stel naalden in mijn teen en was tamelijk hardhandig bij de schoonmaak van mijn gapende wond. Na wat een eeuwigheid leek, hinkte ik met mijn bebloede schoen in de hand en acht hechtingen in mijn teen het ziekenhuis uit. Eigenlijk voelde ik me helemaal niet zo slecht. Een aspirientje, en ik kon gewoon weer terug naar de disco, waar Alberto misschien nog zou zijn! Ik werd al vrolijk bij het idee. De broeders waren zo lief om ons terug te brengen, maar een aspirientje weigerden ze me resoluut. "No painkiller after alcohol!" Streng hoor. Zelfs mijn verklaring dat het echt maar xe9xe9n Baileys was geweest, kon ze niet vermurwen.
Halverwege de rit was plots de verdoving uitgewerkt. Felle pijnscheuten trokken van mijn teen omhoog door mijn hele been en ik veranderde terstond in een hoopje ellende. Ik zag nog net dat we langs onze club reden en verbeeldde me zelfs dat ik Alberto zag staan. Maar ik zei niks. Stapte dankbaar uit bij ons appartement, waar ik de trap af strompelde naar mijn bed. Ik wilde alleen nog maar slapen. De rest van de vakantie heb ik Alberto niet meer gezien. Hoe ik ook in mijn geheugen groef, ik kon me niet meer herinneren waar hij werkte, woonde, of altijd naartoe ging. Het was over, die ene perfecte avond met die ene perfecte man voor altijd in mijn hart gegrift. Hij zou denken dat ik hem had laten zitten, misschien de week erop weer een nieuwe perfecte avond met iemand anders beleven. Of misschien was ie wel getrouwd, je weet tenslotte maar nooit. Liefde en Clueless gaan immers niet goed samen, weet ik inmiddels. Freakin’ hell. Misschien moet ik mijn geluk toch meer in het spel gaan beproeven. Is er niet nog een leuke reis te winnen?
